| Finsteraarhorn 4274m, april 1999
:
Het jaar 1999 stond vooral in het teken van het skydiven. Ik heb dat jaar meer als 400 sprongen gedaan op verschillende locaties in Europa. Dat jaar heb ik dus niet zoveel gerealiseerd in het klimmen. Toch heb ik, tussen al het skydiven door, een paar keer wat tijd in de Alpen kunnen doorbrengen. Zo heb ik o.a. 2 vierduizenders kunnen beklimmen; de Grand Combin en de Finsteraarhorn. De Finsteraarhorn is de hoogste top in het Berner Oberland en meet 4274m. Hij wordt het best beklommen op toerski’s in de maanden april - mei - juni. In de aprilmaand van 1999 had ik een week verlof. Als opwarmertje beklom ik in de eerste 2 dagen van dat verlof de Pigne d’Arolla 3796m in Arolla (Val d’Herens). De derde dag was ik in Grindelwald en ging omhoog naar het Jungfraujoch met de welbekende tandradbaan. Vanuit het Jungfraujoch (3454m) ben ik op ski’s afgedaald over de Jungraufirn tot aan de Konkordiaplatz. Aan dat grote gletscherkruispunt boog ik links af en steeg ik 500m over de Grüneggfirn naar de Grünhornlücke.
Daar zag ik de Finsteraarhorn vlak voor mij staan. Voor het eerst zag ik deze berg zo dicht bij mij en ik moet zeggen dat hij enorm groot leek en veel indruk naliet.
Na ettelijke ogenblikken de berg te hebben aanschouwd, die ik de volgende dag zou gaan beklimmen, ging ik verder naar de Finsteraarhornhut (3048m). Deze hut ligt aan de voet van de berg. Van af de Grünhornlücke daalde ik op ski’s af naar deze hut. (Info : Er is een volledig nieuwe hut vanaf seizoen 2004. Deze is super uitgerust met aparte bedden, warme donsdekens en goede kussens. De nieuwe hut is enorm groot en heel modern. Ik heb er in 2004 een prachtige tijd gehad toen ik er de Wannenhorn ben gaan beklimmen).
Het is daar echt zalig vertoeven temidden van een prachtige gletscherwereld. Daar proef je echt de rust en de stilte. Je zult aan de hut ook nooit toeristen aantreffen, omdat de hut enkel voor alpinisten te bereiken is. Er is geen enkele korte weg naar de hut. Van welke zijde je er ook naartoe wilt gaan, je mag tussen de 4u en de 8u rekenen om deze hut te bereiken, en dan verlopen de routes ook nog meestal over gletscher. De snelste manier om de hut te bereiken is
vanuit het Jungfraujoch zoals ik het gedaan heb. Foto : De nieuwe Finsteraarhornhut (sinds 2004). Foto van internet: http://www.finsteraarhornhuette.ch/ De volgende dag vertrok ik weeral eens als eerste aan de hut. Terwijl dat anderen nog ontbeten en tijd verspilden om hun klaar te maken, was ik al een heel stuk boven de hut geklommen. (Het is bijna niet te geloven hoeveel tijd sommigen nodig hebben om hun klaar te maken voor een tocht.) De hellingen na de hut zijn zeer steil
waardoor mijn toerski’s geen houvast hadden op de harde sneeuw. Ik was dat
jaar nog niet in bezit van Harscheisen (stijgijzers voor op de ski’s)
waardoor ik noodgedwongen was te voet verder te gaan.
Halverwege de route werd het minder steil en kon ik mijn ski’s weer aandoen. Er hadden een paar mensen mij ingehaald, nochtans een vrij vlot ritme dat ik had aangehouden. De zonsopgang was zoals altijd schitterend en de hele skyline kleurde rood-oranje.
Aan het Huggisattel worden de ski’s achtergelaten. Hier stak ik op mijn beurt weer de andere alpinisten voor die zich nog aan het klaarmaken waren om de graat te beklimmen. Stijgijzers en een piolet zijn hier wel nodig.
Ik had maar de sporen in de sneeuw te volgen en af en toe wat eenvoudige rotsjes te beklimmen (II). Na nog een hele klim kwam ik doodop aan op de top. Ik was helemaal niet getraind en dat voelde ik wel. Ik heb echt het uiterste van mijn lichaam moeten vergen, zodanig dat ik in snikken op mijn knieën viel. Het uitzicht was zeer uitzonderlijk. Op de
Finsteraarhorn overtref je alle toppen in een wijde omtrek waardoor je
langs alle zijden wel 100km ver ziet. Heel de wereld zag er wit
uit. Foto : De top gezien vanaf het Hugisattel. De afdaling verliep zonder problemen, alleen
heb ik nog 8u werkelijk moeten afzien en mezelf moeten voortslepen om
terug aan het Jungfraujoch te geraken! Hoe ik het geflikt heb weet ik niet meer, maar ik ben uiteindelijk nog dezelfde dag, na de beklimming van de Finsteraarhorn, aan het Jungfraujoch geraakt. Het was echter wel al 8u in de avond geworden en er waren geen treinen meer naar Grindelwald. Ik heb dan maar gaan overnachten in de Mönchsjochhut. Toen ik de volgende dag opstond was het effectief slecht weer. Het sneeuwde en stormde en je zag amper 5 meter voor de ogen uit. Ik was heel blij dat ik reeds aan de Mönchsjochhut was. Van daar was er geen gevaar meer op verdwalen. Over een brede weg, waar om de 20 meter een markeringspaal stond, skiede ik voorzichtig naar het Jungfraujoch. Ik was helemaal doorweekt en afgekoeld van amper 20 minuten buiten te zijn geweest. Moest ik toen nog aan de Finsteraarhornhut of de Konkordiahut hebben gezeten, dan zou ik een paar dagen vastgezeten hebben (zoals de andere klimmers die de voorgaande dag samen met mij de top hadden bereikt). Tegen de middag stond in de regen in het centrum van Grindelwald. In de bergen kon er niet veel meer gedaan worden, dus besloot ik maar vervroegd naar Belgïe terug te keren.
Foto : Het kruis op de top van de Finsteraarhorn. |