MONT DOLENT 3820m, mei 2003 :

Het was volop lente en in de bergen was het heerlijk vertoeven. Onderaan in de dalen was de sneeuw al gesmolten en kwam het groen rijkelijk tevoorschijn. Een paar honderd meter hoger lag er nog volop sneeuw, het was de ideale periode van het jaar om skitochten te ondernemen. Het is één van de maanden dat ik zeer graag in de bergen ben.

Ik bevond mij in het Zwitserse Val Ferret (VS) en meer bepaald bij het rustieke dorpje La Fouly. Het is een verlaten gat aan het einde van een breed dal. Ik was in die omgeving nog nooit eerder geweest waardoor het landschap enorm veel schoonheid te bieden had. Ik vind het leuk om nieuwe gebieden en uitzichten te ontdekken in plaats van steeds dezelfde plaatsen weer opnieuw te zien.


Foto : Zicht op een deel van het Val Ferret in de mei maand. Hoger in het dal lag er wel meer sneeuw.

Vanuit La Fouly kan men naar een niet onbelangrijke berg stijgen, de Mont Dolent. Op de graten van de Mont Dolent loopt namelijk de grens tussen Frankrijk – Zwitserland en Italië. Een ander land aan elke zijde van de berg als het ware. 

Ik zag de berg voor het eerst toen ik met mijn wagen door het Val Ferret reed. Als een majestueuze reus troont hij heel hoog boven het dal en boven al de andere bergen uit. Vanuit La Fouly kon ik de berg echter niet meer zien.

Het was een zalige en warme lentedag. Met mijn ski’s op mijn rugzak gebonden begon ik aan het eerste deel van de tocht, namelijk de klim naar het bivak Fiorio (2729m) die op Italiaans grondgebied ligt. 
Een half uur wandelde ik over alpenweiden en langs een beek tot ik aan de sneeuw kwam. De sneeuw kwam hier op bepaalde plaatsen nog redelijk laag in het dal. De ski’s gingen van mijn rugzak af. 
Ik plakte mijn stijgvellen onder de ski’s en begon verder te klimmen. 
Overal waren verschillende stijg- en daalsporen te zien van andere toerskigangers.


Foto : Op weg naar de Petit Col Ferret.

De zon brandde op mijn lichaam en op de sneeuw, die weker en weker werd. 
Na een eerste deel gestegen te hebben kwam ik aan de Petit Col Ferret, een pasovergang tussen Zwitserland en Italië. Ik was al behoorlijk uitgeput en was serieus aan het zweten. 
De sneeuw was op die plaats meer water waardoor ik er soms heel diep doorzakte, zelfs met mijn ski’s aan mijn voeten. 
Op dat eerste deel was ik maar een paar andere mensen gekruist die naar beneden kwamen geskied of die in het gebied met sneeuwraketten aan het rondtrekken waren.

Net na de Petit Col Ferret ging het verder omhoog over een steile helling. Hier was het klimmen eerder een tijdrovend karwei. Mijn ski’s hadden amper houvast op de weke sneeuw en ik schoof soms meer achteruit dan vooruit. Regelmatig schoof de sneeuw zelf onder mijn ski’s volledig weg waarop er kleine sneeuwlawinetjes ontstonden. Gelukkig werd het daarna minder steil. 

Tot mijn grote verbazing zag ik al snel het bivak staan. Voortdurend had ik in de verte en in de hoogte gezocht naar het bivak maar had deze niet gevonden. Ik was verbaasd dat ik deze dus zo snel genaderd was. 
Aan het bivak zaten wel al andere klimmers die nog aan het genieten waren van de zon. In het bivak is niet extreem veel plaats maar gelukkig waren er minder klimmers dan dat er slaapplaatsen waren.

Het uitzicht was zoals altijd grandioos, temeer omdat ik in dit gebied nog nooit eerder was geweest. Alle uitzichten waren dus totaal nieuw voor mij. Nieuwe gletschers en bergen onttrokken zich aan mijn ogen.

Van aan het bivak kun je duidelijk de Mont Dolent zien, die nog een goede 1000m hoger ligt. Ik had echter geen zorgen over de klim daar deze er eenvoudig uitzag. Het beloofde een mooie tocht te worden en een zalige ski-afdaling. Maar eerst een nachtje rusten in het bivak.
     Foto : Het bivak Fiorio.

De volgende morgen, net voor de dageraad, begon ik aan het tweede deel van de klim. 
Iets na mijn vertrek kleurde de hemel al snel helemaal purper. Een stralende dag kondigde zich aan.
Zonder problemen gleed ik hoger en hoger. Ondertussen hadden er wel al 2 klimmers mij ingehaald. Die dag kwamen er nog veel meer klimmers omhoog die niet overnacht hadden in het bivak maar gewoon vanuit de vallei kwamen. Dat is echter wel heel zwaar om in één keer te doen.

Het laatste stuk onder de top moeten de ski’s noodgedwongen uitgedaan worden. De meeste klimmers lieten op dat punt hun ski’s zelf achter en gingen te voet verder op stijgijzers. 
Ik opteerde om ze toch mee te nemen naar de top, net zoals nog een paar andere klimmers. 

Links van een paar rotsen ging het omhoog tot men deze voorbij zijn. Daarna leidde een fijne sneeuwgraat verder naar de top. 
Het uitzicht was wederom overweldigend en men kon uitkijken over 3 landen, talrijke ijsstromen en honderden bergen. 
Het was zeer helder weer maar wel met een frisse temperatuur.
De meeste klimmers zouden pas later op de voormiddag aankomen op de top.
 
 






Foto : Prachtig uitzicht op de top van de Mont dolent. Vanaf dit punt skiede ik iets later omlaag.

Na genoeg genoten te hebben en foto-opnamen te hebben gemaakt, werd het tijd om aan de afdaling te denken. Ik zat al een tijdje aan het piekeren hoe ik zou afdalen. Ik had uiteraard mijn ski’s meegebracht naar de top, maar de flanken waren toch wel steil om deze weer af te dalen op ski’s. 
De enkele andere klimmers die ook hun ski’s hadden meegedragen op hun rugzak besloten om deze weer naar beneden te dragen tot een heel stuk lager. Ik vroeg aan een van die klimmers of hij naar beneden zou skiën en hij antwoordde mij dat hij het nog niet zag zitten om al te sterven. Hij vond het gestoord om daar af te dalen op ski’s. Deze uitspraak bevorderde natuurlijk mijn beslissing niet. 

Na nog een tijdje getwijfeld te hebben besloot ik er toch voor te gaan. Gewoon doen. Mijn hart sloeg dubbel zo snel als normaal en heel mijn lichaam zat onder de adrenaline. Zonder verder te twijfelen klikte ik mijn ski’s vast en begon me langs de graat te laten glijden. De sneeuw was daar steenhard. 
Daarna begon ik aan de afdaling over een steile flank evenredig met de graat. De sneeuw schuurde onder mijn ski’s. 
Ik liet mij langzaam naar beneden schuiven en maakte af en toe een sprong om te draaien. 
Het viel uiteindelijk goed mee, ik had al veel extremere ski-afdalingen gedaan. 

Vol vreugde kwam ik onderaan de plaats waar de meeste klimmers hun ski’s hadden achtergelaten. Ik was volledig uitzinnig. 
 

     Foto : Terugzicht op de top. Links van de top heb ik omlaag geskied. (Het beeld geeft een foute indruk van de eigenlijke steilheid).

Daarna verliep het skiën moeizamer daar de sneeuwkwaliteit beduidend slecht was. 
Gelukkig werd het een heel stuk lager dan weer ineens beter en met een gevoel van ultieme vrijheid skiede ik over harde sneeuwlagen verder. De zon stond ondertussen al hoog aan de hemel en gaf veel warmte. 

In de late voormiddag zat de tocht erop en klikte ik mijn ski’s weer uit, om ze het laatste stuk naar de wagen te dragen.

Toen ik wegreed uit La Fouly wist ik niet goed waarheen. Ik had uiteraard verlof maar wist nog niet welke berg ik zou beklimmen. 
De kaart van het Mont Blanc massief bracht mij op een idee en zo was ik niet veel later in snel tempo weg naar Chamonix. Ik was daar nog net op tijd in de namiddag om één van de laatste ritjes van de Grands Montets kabelbaan te nemen. 
Later op de dag kwam ik dan nog aan de Argentière hut alwaar ik zou overnachten voor de beklimming van de Aiguille d’Argentière (3901m). Voor het vervolg van dit avontuur kan je hier klikken.



Foto : Het bivak Fiorio en de Mont dolent. Aangeduid is de gevolgde route.