Täschhorn (4490m), augustus 2000 :

De Täschhorn is één van de moeilijkere 4000-ers in Zwitserland. Langs geen enkele zijde is er een echt eenvoudige route naar de top.
Ik opteerde voor de meest zekere en minst technische route; de ZZO-graat (ook wel Mischabelgraat genaamd) welke vanuit het Mischabeljochbivak recht naar de top leidt.

De tocht naar het Mischabeljochbivak is al een beklimming op zich. Voor een solo klimmer is de meest veiligste route diegene waarbij men de Alphubel overschrijdt. Van op de top van de Alphubel daalt men langs deze zijn N-graat naar het bivak af.
Men kan ook het bivak bereiken vanuit het Matterdal, via de Täschhut en de Weingletscher. Deze laatste is echter behoorlijk lang en gevaarlijk. Ook zijn er soms moeilijke passages te overbruggen.

Hieronder volgt een beknopt verslag van mijn beklimming:

Foto : Zicht op een groot deel van de route. Links de Alphubel welke moet overscherden worden om aan het Mischabeljoch te geraken.

Dag 1:
Saas Fee - Station Mittel Allalin – Feejoch – Alphubeljoch – Alphubel – Mischabeljoch

Rond 10u in de morgen liep ik met een zware rugzak door het drukke Saas Fee. Een op 1800m gelegen (mondain?) bergdorp. Het was hartje zomer. Ik was nog nooit zo vroeg vertrokken op de eerste dag van een bergtocht. Maar ditmaal moest ik niet via wandelwegen naar een hut, maar over gletschers en bergen!

Ik begaf mij op weg naar de Alpin Express, een moderne, redelijk nieuwe gondelbaan aan de rand van het dorp.
Na deze gondelbaan genomen te hebben kom je aan de Fee-Express; een ondergrondse tandradbaan welke je midden in de gletscherwereld brengt. Eindpunt hiervan is het op 3400m hoog gelegen Mittel Allalin. Een modern, draaiend restaurant.
De zomerskipistes van Saas-Fee treft men daar eveneens aan. Vele buitenlanders komen soms van ver om hier in de zomer te trainen. Het is daar steeds druk.

De Mittel Allalin is ook het vertrekpunt naar de 4027m hoge Allalin. Een van de gemakkelijkste vierduizenders van de Alpen. Dagelijks gaan er honderden mensen naar deze zijn top. Je treft dan ook meestal brede sporen aan op de gletscher.
Over deze sporen ging ik tot aan het Feejoch.
De route naar de Allalin draait daar linksaf.
Ik ging naar rechts verder over een graat naar de Feechopf (3888m).
Net daarachter kwam ik aan het Alphubeljoch (3782m). Van daaruit ging ik verder over deze zijn ZO-graat naar de top. Ik was op die top al tweemaal eerder geweest.
Zie ook verslag Alphubel.

De top van de Alphubel is in feite een heel groot sneeuwplateau. Ik stak dat over en daalde af via de N-graat naar het Mischabeljoch. Daar trof ik het Mischabeljochbivak aan waar ik de nacht in zou doorbrengen.
Toen ik daar aankwam was er niemand te bespeuren.
Niet veel later kwam er een andere solo klimmer toe, welke net de Täschhorn had beklommen, mijn doel voor de volgende dag. Hij zei mij dat de condities heel goed waren en het niet zo moeilijk was.
 

Foto : Zicht op de ZZO-graat van de Täschhorn, gezien van op de Alphubel.

Later op de avond kwamen er nog 6 andere klimmers toe, welke van de Täschhut kwamen.
Het Mischabelbivak was nog niet zo lang geleden vernieuwd en oogde van binnen zeer mooi. Er is plaats voor 20 – 25 personen. Ik las steeds dat het bivak regelmatig overbevolkt is. Gelukkig was het die dag niet zo.

Moeilijkheid : PD
Tijd : Station Mittel Allalin tot Bivak : 4 à 5u

Foto : Het Mischabeljochbivak, gelegen aan de voet van de N-graat van de Alphubel.


Dag 2:
Bivak – Täschhorn – bivak – Alphubel – Mittel Allalin – Saas Fee

Ik denk dat ik rond 4u in de morgen vertrokken ben aan het bivak. Het was nog goed donker.
Direct, aan de voet van het bivak, begint de ZZO-graat van de Täschhorn. Het eerste deel van die graat is door de rotsen te doen. Men blijft ietwat rechts van de graat. Er zijn 1 of 2 rotstorens te passeren die geen probleem vormen.
Daarna werd de graat mixte: rots en sneeuw. De moeilijkheid oversteeg op dit deel nergens de II. De graat ging daarna al heel snel volledig in sneeuw over. Er waren op die sneeuwgraat al heel goede sporen aanwezig. De sneeuw was heel hard; ik kon goed opschieten daardoor.
Deze sneeuwgraat oogt heel fenomenaal. Er hangen grote sneeuwoverhangen, afwisselend links en rechts van de graat. Uitkijken dus waar je stapt en zover mogelijk van de randen van die overhangen blijven.

Foto's : Zichten op de fenomenale sneeuwgraat, tijdens de afdaling.

Net voor de top loopt de sneeuwgraat dood en komt er een laatste rotsachtig stuk. Een rotsmuur van een 100m hoog.
Voor de muur traverseerde ik een 30m naar rechts, in de oostflank. Via deze laatste flank ging ik dan naar de top.
Het terrein was ongeveer 45° steil; onder mij een enorme diepte van meer dan 1000m. Als ik hier viel kwam ik direct weer in Saas Fee terecht!

De rotsen lagen daar heel los en er lag veel puin tussen.
Stap voor stap klom ik voorzichtig hoger en kwam gelijk met het rijzen van de zon op de top aan.
In de verte was er een oranje gloed. Heel de lucht verkleurde en ik werd verwelkomd door de eerste oranje zonnestralen van de dag.
Helemaal alleen omhelsde ik het metalen kruis dat op de top stond. Een moment van innerlijk geluk. De wereld lag aan mijn voeten.
Ja, de Täschhorn is één van die bergen waar je het gevoel hebt dat je op de top van de wereld staat, boven alles uit.
Ok, er is de naburige Dom, maar zoveel hoger leek die niet van waar ik stond.

Foto's : Zelfportret op de top van de Täschhorn. Verwelkoming van de eerste zonnestralen.

Ik had er maar 2u30 opgezet voor deze klim, terwijl 4 à 5 uur aangegeven staat. Ik kon het amper geloven dat ik zo snel geklommen had.
De gunstige condities op de graat zullen daar zeker een grote rol in gespeeld hebben.
Nog een hele tijd bleef ik genieten van mijn verblijf ver boven de mensenwereld. Ik voelde mijn een koning, een god, die neerkeek op de wereld.

Daarna was de tijd gekomen om weer af te dalen en dit langs dezelfde route. Op bepaalde plaatsen was het echt wel oppassen geblazen.
De sneeuwgraat is op sommige stukken heel smal en steil.

Later op de ochtend was ik weer aan het Mischabeljochbivak. Neen, het avontuur was nog niet ten einde. Ik zat nog ver verwijdert van de bewoonde wereld.
Ik klom weer langs de N-graat van de Alphubel omhoog (welke ik de dag voordien omlaag had geklommen).
Ik nam exact dezelfde route als de voorgaande dag. Ik overschreed de Alphubel, daalde af naar het Alphubeljoch en ging verder naar het Feejoch. Daar kwam ik dan weer op de drukke piste van de Allalin.
Een weinig later was ik weer aan het station Mittel Allalin. Rond 2 uur in de namiddag.

Het was een hele mooie en geslaagde tocht geweest waarbij alles meeviel. (Wat niet altijd kan gezegd worden).

En nu moet U mij excuseren want ik moet mij begeven naar mijn volgende solobeklimming...

Moeilijkheid : AD
De voornaamste moeilijkeden bevinden zich op de sneeuwgraat. Welke op sommige plaatsen heel steil en smal is. Het is ook voortdurend oppassen voor overhangende sneeuwmassa's. De rots overstijgt nergens de III.

Tijd : Ongeveer 4 uur op en 3 uur weer naar beneden.

Periode : Juli - September.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Foto : Laatste deel van de route.