Overschrijding Wetterhorn 3701m, Mittelhorn 3704m en Rosenhorn 3689m, september 2002 :

De beklimming van de Wetterhorn zat al lang in mijn hoofd. Tevens ook het project om samen met deze top de Mittelhorn en Rosenhorn te beklimmen. Een grootse overschrijding die begint aan de Glecksteinhut (boven Grindelwald) en die eindigt aan de Dossenhut (Rosenlauidal).

Foto1 : Zicht op de 3 beklommen bergen. Aangeduid is de gevolgde route tot aan de top van de Rosenhorn.
De afdaling gebeurde langs de andere zijde. (Zie Foto7)

Begin september 2002 had ik op een verlengd weekend de Grossglockner en Grossvenediger beklommen. Een week later bleek het weer terug heel mooi en stabiel te zijn voor verscheidene dagen. En zo kwam ik op het idee om eindelijk mijn project te realiseren. Het grootste struikelblok was op het werk een dag vrij krijgen. Na hiervoor tot het uiterste gegaan te zijn, heb ik dan toch een dag vrij kunnen krijgen (forceren). Zo had ik het weekend plus een maandag om de beklimming te voltooien. En drie dagen heb je hiervoor zeker nodig.

Nog geen 5 dagen ervoor stond ik dus op de top van de Grossvenediger en nu was ik weer weg. Zaterdagmorgen, heel vroeg, in alle rust naar Zwitserland gereden.
Het was heerlijk weer. Blauwe lucht en een warm toelachende zon. Ik was dolgelukkig. Ik zag ontzettend erg naar de klim uit en kon bijna niet meer wachten om weer in de hoogte te zijn.

Zoals gewoonlijk een goed pak friet en biefstuk gegeten ergens in een restaurant in Grindelwald. Op een terras in het zonnetje natuurlijk, met zicht op de Eiger N-wand.

In de namiddag nam ik de bus richting Grosse Scheidegg. Afgestapt aan de halte Gleckstein. En dan met de rugzak op weg naar onbekende pracht. Het was een gebied in Grindelwald waar ik nog niet eerder geweest was. Het is altijd leuk om nieuwe landschappen te ontdekken.

Op een kleine twee uur, na de halte van de bus, was ik aan de Glecksteinhut. Ik had een hele goede conditie. Aan de hut was het bijzonder druk. Allemaal jongeren van één of andere Zwitserse Alpinistensectie.
Ik sprokkelde nog de nodige informatie bijeen door een meisje van het huttenpersoneel uit te vragen. Zij gaf mij interessante informatie over de klim en de te volgen route.

’s Avonds en ’s nachts was ik enorm zenuwachtig. Ik kon niet meer wachten om te gaan klimmen.
Om 5 uur de volgende morgen was ik weg. Een zeer lange en vermoeiende dag stond mij op te wachten. De overschrijding van 3 bergen, waarbij ik van één vallei naar een andere ging. Op veel gezelschap moest ik niet rekenen, daar er niemand anders van plan was dit te doen.
 

Het was een donkere nacht met een prachtige sterrenhemel. Voor mij al ettelijke klimgroepen. Ik zette er de vaart in en stak op het eerste deel zoveel mogelijk groepen voorbij.
Na een klein uurtje over een stuk pad te hebben gestapt, stond ik aan de voet van de Chrinnengletscher.
Hier waren ook al een heleboel touwgroepen zich aan het aanbinden. Ik at een beetje chocolade en dronk wat limonade. De stijgijzers gingen aan en met de piolet in de hand begaf ik mij op de gletscher. Het ijs op deze was eerst heel hard. Ik kon al zien naar waar ik ongeveer moest stijgen. Rechts van mij kwam er een rotsrug op de gletscher uit. Naar deze moest ik stijgen.
Iets hoger op de gletscher veranderde het ijs in sneeuw. Ik zocht naar een spoor en vond dit al snel. Gelukkig maar want het volgende deel ging langs en tussen duizelingwekkende gletscherkloven. Ik was hier nu alleen en had al de touwgroepen achter mij gelaten. Zonder kleerscheuren kwam ik aan de rotsrug. Stijgijzers gingen weer in de rugzak.
Ik dacht aan de vorige avond en aan de informatie van het meisje van de hut.

De klim over de rotsen was nergens heel moeilijk.
Iets later zag ik in de verte dat er toch nog een touwgroep voor mij was, bestaande uit 3 alpinisten. Deze waren al hoog boven mij. Ik ging dezelfde richting op maar al snel leek me dit toch verdacht.
Aan mijn rechterhand bevond zicht het Willsgrätli, een rotsgraat die de volledige berg doorklieft. Het is deze graat die gevolgd moet worden.
(Zie Foto1)
Links van die rotsgraat een couloir. Volgens de routebeschrijving moet dit couloir zo laag mogelijk overschreden worden, ter hoogte van de Frühstückplatz.
Ik vond dat ik al veel te hoog zat. Het terrein waar ik zat, lag vol met losliggend puin. En werd steeds steiler en steiler.
In de diepte achter mij zag ik nakomende touwgroepen het couloir oversteken. Dus daar was de Frühstückplatz! Ik begon op mijn beurt het couloir over te steken, zo voorzichtig mogelijk. Zodanig dat ik geen stenen deed vallen welke op de onderliggende touwgroepen zouden terechtkomen. Ik bereikte zonder noemenswaardige problemen het Willsgrätli.
De 3 alpinisten hoog voor mij (nog steeds aan de linkerkant van het couloir) waren totaal fout en bleken ook hopeloos vast te zitten in steil en losliggend terrein. Voortdurend veroorzaakten ze steenlawines die aan een enorme snelheid in de diepte werden gekegeld. Recht op de nakomende touwgroepen die het couloir aan het oversteken waren! Je kunt je voorstellen wat een geroep en gevloek dat was van al die mensen.
De drie begrepen al snel dat ze grandioos fout zaten en bewogen van de slag niet meer.

Ik zat reeds veilig op het Willsgrätli. Ik klom verder over deze scherpe rotsgraat. Zeer aangename klim in moeilijkheidsgraad II – III.

Iets later stond ik op het Wettersattel. Voor het eerst kreeg ik de zon op mijn gezicht. Het was behoorlijk koud en winderig.
Door een steil sneeuwcouloir ging ik naar de top van de Wetterhorn. Er lag hier heel veel verse sneeuw. Op de top was het zo koud dat ik besloot direct weer af te dalen naar het Wettersattel.
Op de afdaling kruiste ik nakomende touwgroepen. Ik ging verder naar de tweede top op mijn programma : de Mittelhorn. Ik spoorde door 20cm verse sneeuw. Deze top wordt bereikt langs een sneeuwflank en sneeuwgraat. 45 minuten heb ik daar over gedaan.

Foto3 : Foto genomen vanop de Mittelhorn. Terugzicht op de Wetterhorn.
Men ziet duidelijk het besneeuwde couloir.

Mijn bedoeling was om verder te gaan over de graat naar de top van de Rosenhorn. Maar door de hoeveelheid sneeuw die er op de rotsgraat lag oogde dit niet al te aantrekkelijk. Ik besloot daarom om deze graat rond te gaan. Daarna nam ik de draad weer op aan het Mitteljoch.
Ik rustte wat aan dat zadel welke zich bevond tussen Mittelhorn en Rosenhorn. Hier was het ook koud en winderig.

Nog één top moest ik beklimmen, de Rosenhorn (via W-graat).
Deze rotsachtige W-graat oogde zwaarder als ik had verwacht. Behoorlijk wat steile torens moesten beklommen worden en soms weer een stuk afgedaald worden. Gelukkig lag er op deze graat niet zoveel sneeuw.
Op sommige plaatsen was het wel even slikken. “Hoe ga ik dit nu weer overwinnen?”. Maar na een beetje de rotsen bestudeerd te hebben kon ik toch steeds de beklimbare stukken vinden (III, III+).
Naar het einde toe ging de graat meer en meer gaan liggen en werd de klim eenvoudig. Iets na de middag stond ik op de derde en laatste top van de overschrijding. Het zicht was indrukwekkend, zo ver het oog kon reiken. Mensen waren er in de verste verte niet meer te bespeuren…
In de loop van de dag was er zich een wolkenmeer beginnen vormen boven de valleien. Zoals altijd was dat adembenemend mooi.

Foto4 : Op de top van de Rosenhorn. Terugzicht op de Mittelhorn en net erachter de top van de Wetterhorn.

Het gevaarlijkste deel stond mij nog op te wachten. De afdaling over de onveilige en verraderlijke Rosenlauigletscher. Dit deel had ik een beetje onderschat. Ik had niet gedacht dat ik zoveel gletscher zou over moeten.
Er waren nog wel verse sporen te zien. Ik vermoed dat er in de morgen al mensen op de Rosenhorn hebben gestaan; welke van de Dossenhut moeten gekomen zijn. De hut waar ik ook naar toe moest.

De wind was ontzettend in kracht toegenomen. Soms zelf zeker een 80km/u.
Op de gletscher lag er ook veel verse sneeuw en die stoof langs alle kanten op. Nadeel was dat het aanwezige spoor meer en meer begon te vervagen.
Halverwege mijn afdaling over de Rosenlauigletscher was het spoor nog amper te zien en moest ik goed uitkijken. Af en toe waren er klovenzones waar doorheen moest gegaan worden. De opgewaaide, verse sneeuw had zich over de spleten genesteld en had deze soms verraderlijk bedekt. Het was enorm uitkijken.

Ik kwam uiteindelijk aan de voet van de Dossenhorn. Deze wordt links omgaan en verder wordt er afgedaald naar de Dossenhut. Deze laatste afdaling was volledig in de mist. Ik was niet meer boven het wolkenmeer maar er recht in.
Het terrein onder mijn voeten was onbekend, ik was hier nog nooit eerder geweest. Ik volgde sporen in de sneeuwflanken en hoopte dat ik aan de Dossenhut zou uitkomen. En ja, op een bepaald moment zag ik daar de contouren van de hut doorheen de mist. Het was druilerig en vochtig weer geworden.
De hut was totaal verlaten op de huttenwaardin na.
Welgeteld 10 uur had ik erop gezet sinds mijn vertrek aan de andere kant van de bergen.

               Foto5 : De Dossenhut baadt in het goudgele morgenlicht.             Foto6 : Tijdens de afdaling naar het Rosenlauidal.


Foto7 : Zicht op de 3 beklommen bergen, gezien van aan de Dossenhorn. Ditmaal van de andere zijde.
Links van de Rosenhorn gaat de route omlaag over de Rosenlauigletscher. (Niet op de foto te zien)

Moeilijkheid van de overschrijding : AD (+). De moeilijkheid zit vooral in de lengte.
Duur : Alleen heb ik er 10 uur opgezet, maar reken eerder voor een 13 uur.